De gemeente Gilze en Rijen wil bezuinigen op de Wmo. Daarom voert ze een inkomensgrens in voor vervoersvoorzieningen.
 Ons commentaar? Het invoeren van een eigen bijdrage zou kunnen, maar de Wmo kent geen mogelijkheden voor gemeenten om inkomensgrenzen te stellen.


Inkomensgrenzen
De gemeente Gilze en Rijen wil een inkomensgrens voor vervoersvoorzieningen invoeren. Burgers met een inkomen dat 1,75 keer hoger is dan de bijstandsnorm krijgen bijvoorbeeld geen regiotaxipasje meer. Als zij een beperking hebben, mogen ze wel gebruik maken van de regiotaxi, maar zij moeten hiervoor het commerciële tarief betalen. Dit tarief is ruim 1 euro per zone duurder.
De inkomensgrens stond in de Wet voorzieningen gehandicapten (Wvg), de voorloper van de Wmo. Mensen met een beperking met een wat hoger inkomen moesten destijds maar in hun eigen vervoerbehoeften voorzien.

Cumulatie
In het Wvg-systeem kregen burgers met een beperking te maken met verschillende eigen bijdragen en inkomensgrenzen. Maar ook met eigen bijdragen in de AWBZ. Door al deze verschillende kosten (cumulatie), kwamen mensen regelmatig onder het bestaansminimum terecht. Bij het invoeren van de Wmo werd aan deze cumulatie een einde gemaakt.
In het nieuwe systeem betalen burgers een maximum aan eigen bijdragen. Dat maximum aan kosten voor hun handicap is gekoppeld aan een bepaald percentage van hun inkomen. De eigen bijdragen voor AWBZ en Wmo worden berekend door het CAK en het CAK stuurt één rekening.
Als er naast de eigen bijdrage ook een inkomensgrens gehanteerd wordt, bestaat de kans dat burgers door de combinatie van eigen bijdrage en het zelf betalen van voorzieningen, onder de inkomensgrens komen.

Commentaar
In Gilze en Rijen staat in de verordening dat mensen met 1,75 maal het minimuminkomen niet in aanmerking komen voor verstrekking of vergoeding van een vervoersvoorziening. VCP vindt dat dit niet kan. Allereerst omdat de extra kosten voor bijvoorbeeld de regiotaxi aan het taxibedrijf betaald worden en niet aan het CAK. Hierdoor is niet duidelijk of iemand boven zijn maximale eigen bijdrage komt. Daarnaast verplicht de Wmo gemeenten om burgers te compenseren voor de beperkingen die zij ervaren, ook bij financiële beperkingen.
De gemeente had in dit geval van de euro per zone een eigen bijdrage kunnen maken. Deze eigen bijdrage zou dan aan het CAK betaald moeten worden. Zodra iemand zijn maximale eigen bijdrage voor AWBZ en Wmo heeft betaald, valt hij dan terug op het ‘normale’ Wmo-tarief. Alleen zo handelt de gemeente volgens de bestaande wet- en regelgeving. Inkomensgrenzen passen gewoon niet bij de Wmo.

Cor Langedijk
directeur VCP